
Das Narrenschiff / Stultifera Navis / The Ship of Fools / Het Narrenschip
Speciaal voor de 48ste editie van het Internationaal Vocalisten Concours 2010 heeft de Nederlandse componist Wilbert Bulsink een lied geschreven. Het IVC nodigt alle kandidaten van harte uit dit lied op hun repertoirelijst te plaatsen.
Componist: Wilbert Bulsink (*1983)
Titel: Das Narrenschiff
Tijdsduur: 4 minuten
Begeleiding: Piano
Tekst: Sebastian Brant (1457, Strassburg — 1521, Strassburg) in het Oud Duits
Das Narrenschiff (1494)
Wir faren umb durch alle landt
All port durchsuchen wir, und gstadt
Wir faren umb mit grossem Schad
Und künnent doch nit treffen wol
Den staden do man lenden sol
Unser umbfaren ist on end
Dann keyner weisz, wo er zu lend
Und hant doch keyn růw tag, noch naht
Uff wiszheyt unser keyner acht.
Het Narrenschip
Wij varen rond door alle landen.
Elke haven en oever doorzoeken wij.
Wij varen rond met groot verlies
en kunnen de kust maar niet vinden
waar we aan land moeten komen.
Onze rondreis is zonder eind,
want niemand weet waar hij aan land kan komen.
En niemand heeft rust, dag noch nacht,
en geen van ons slaat acht op wijsheid.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Keuze voor het lied is facultatief en niet verplicht. Kandidaten die het lied in hun repertoirelijst opnemen, dingen mee naar de Prijs voor de Nederlandse Compositie van € 2.500,-. Het werk telt in de repertoirelijst mee als 1 van de 3 verplichte werken die gecomponeerd zijn na 1915. Kandidaten maken verder kans op de engagementsprijs van November Music.
Op verzoek ontvangen geïnteresseerde kandidaten de bladmuziek via het IVC: info@internationalvocalcompetition.com.
Het lied zal door de kandidaten in de Halve Finale van het concours voor het eerst voor publiek ten gehore worden gebracht. In de Finale van het IVC 2010 wordt het lied door geselecteerde kandidaat-prijswinnaars uitgevoerd.
Toelichting componist Wilbert Bulsink
“Na het zien van Jeroen Bosch’s schilderij, het lezen van Sebastian Brants dichtregels en het voelen van het Oud Duitse metrum, was mij meteen duidelijk dat dit lied een stuurloze dronkenschap moest uitbeelden, die als een nar menselijke hulpeloosheid en onvolkomenheid spiegelt. Als een dronkenman herhaalt de tekst zich keer op keer, ten prooi vallend aan plotsklapse stemmingswisselingen. Varend op een verraderlijk kolkende pianopartij doorzoekt het lied stad en land zonder vaste grond onder de voeten te vinden. De beschonkene is, hoewel gemakkelijk belachelijk te maken, zelf uiterst serieus en oprecht in zijn/haar constateringen en gezang.”
Wilbert Bulsink werd op 10 juli 1983 geboren in Doetinchem. Hij studeerde piano bij Ton Hartsuiker en Gert-Jan Vermeulen, instrumentatie bij Theo Verbey en compositie bij Daan Manneke, Wim Henderickx en Theo Loevendie. Daarnaast studeerde hij elektronica bij Kees Tazelaar, Jorrit Tamminga en Jos Zwaanenburg. In 2008 sloot hij zijn studie compositie met onderscheiding af. Tijdens zijn studie was Bulsink actief als kerkorganist en als toetsenist/arrangeur in de rockband Magic Fish. Op jonge leeftijd werd zijn muziek gespeeld door het Nederlands Blazers en orkest de ereprijs. In 1999 werd zijn orkestwerk Ontdekkingen geselecteerd voor het Project Jonge Componisten van het Nederlands Balletorkest. Prelude nr. 2 (2003) werd uitgevoerd tijdens de World Music Days in Ljubljana. In 2006 maakte hij samen met Thomas Myrmel de multimediaperformance The Expected voor 5 zangers/sprekers, elfkoppig ensemble en elektronica, gebaseerd op een korte film van Keren Cytter. In 2007 componeerde hij Air (an eternal music) voor het Nieuw Ensemble, aangevuld met sho, duduk en qanun. In 2008 en 2009 werden opdrachtwerken van hem uitgevoerd door het Nederlands Blazers Ensemble. Ook schreef hij enkele korte pianowerken en korte stukken voor het ensemble Ziggurat en het Rosa Ensemble. In april 2009 werd zijn orkestwerk Koranfragment uitgevoerd door het Orkest van het Conservatorium van Amsterdam onder leiding van Ed Spanjaard. Op verzoek van November Music maakte hij in 2009 samen met Thomas Myrmel het muziektheaterwerk Pigeonhouse in nauwe samenwerking met de zeven uitvoerende musici. In 1998 won Wilbert Bulsink een eerste prijs bij het Prinses Christina Concours met Prelude nr. 1. In 1999 kreeg hij de NOG Stimuleringsprijs voor Ontdekkingen. In oktober 2005 werd hem de eerste Jan van Vlijmenprijs voor beginnende componisten uitgereikt. De Proms in Paradiso Programma Prijs kreeg hij in 2006 voor The Expected. In 2009 werd zijn compositie Op/Weg..geblazen voor luchtpiano en ensemble geselecteerd voor Toonzetters en in 2010 is zijn compositie Koranfragment geselecteerd voor Toonzetters.
Das Narrenschiff / Stultifera Navis / The Ship of Fools / Het Narrenschip
Sebastian Brant werd geboren in 1457 in Straatsburg en studeerde rechten in Basel. Hij doceerde aan deze universiteit en werd later benoemd tot keizerlijke raadsheer. Brant stierf in 1521. Hij is vooral bekend geworden door zijn moralistisch-satirisch gedicht Das Narrenschiff (1494). Op dit schip varen 111 narren die onderweg zijn naar Narragonia, paradijs voor gekken. Menselijke eigenschappen en gedrag worden onder de loep genomen, becommentarieerd en krachtig afgewezen. Hij verwoordt zijn ongenoegen over de vele uitingen van afkeurenswaardig menselijk gedrag die zijn samenleving corrumperen en verzieken. Brant spoort de lezer op leerzame, maar aangename wijze aan tot beter gedrag, anders zal het slecht met ze aflopen. Onder andere Albrecht Dürer voorzag het werk van houtgravures. Das Narrenschiff was van meet af aan een ware bestseller, met vele herdrukken en vertalingen.
De Nederlandse schilder Jheronimus Bosch (ca. 1450 – 1516, ‘s-Hertogenbosch) heeft Brants thematiek vastgelegd in diens ‘Narrenschip, een allegorie van gulzigheid en onkuisheid’. Dit schilderij moet gezien worden als een uitbeelding van liederlijk gedrag. Een zedeloos leven gevuld met drank en het genieten van verboden spijzen. De uit een nap drinkende nar die in een boomtak aan boord van het bootje zit, heeft het schilderij zijn naam bezorgd. Rechts naast een grote ton met drank hangt een van de passagiers uit de boot omdat hij moet overgeven. Aan de andere kant van de boot ligt een man die vastgegrepen wordt door een vrouw met een kruik in haar handen. Wil ze hem nog verder dronken voeren of de kruik op zijn hersenpan stukslaan? Een man met een mes tracht vanuit het gebladerte een stuk gevogelte dat in de mast hangt te bereiken. In het water zwemmen twee naakte figuren rond; de een heeft een nap bij zich, terwijl de ander zich vastklampt aan de boot. De kersen, de kruiken, het gevogelte en de vis die zich in het werk bevinden zijn allemaal symbolische toespelingen op het thema van het werk: namelijk een losbandig leven. Het schilderij is te bewonderen in het Louvre, Parijs.








